CONCERTEN TOP 10.
OF NEE, 12, WANT JAN JURK KAN NIET KIEZEN
IN WILLEKEURIGE VOLGORDE:
Iron Maiden, Brabanthallen, Den Bosch – 2 september 1992
setlist
Het zilverkleurige entreekaartje, gekocht na de MOJO-aankondiging in de krant, zit nu veilig in een plakboek, herinnerend aan Den Bosch. Daar neemt de extase bizarre proporties aan zodra Maiden opkomt, al rondrennend ‘Be Quick or Be Dead’ spelend. Een vriend vangt een stok van Nicko McBrain op, ongeveer 68 keer worden we omvergemaaid door de basmitrailleursalvo’s van Steve Harris, kortom euforie alom. De opname van ‘Can I Play with Madness’ verschijnt later op ‘A Real Live One’. Ik sta ermee te glunderen op de platenafdeling van het Alkmaarse warenhuis Spruyt, want op de cd hoor je ons keihard ‘Madness!’ schreeuwen.
dEUS, Philharmonie, Haarlem – 21 september 2013
setlist
Pinkpop 1997. Vertwijfelde blikken onderling tijdens een niet-begrepen jamsessie, drummer Jules de Borgher die zijn stok laat vallen; er wordt veel geduld gevraagd van dEUS-aanvoerder Tom Barman, in een toch al rommelige periode met veel bezettingswisselingen. ‘You drive too fast’, zingt hij later in ‘Magdalena’, maar is dat gericht aan zijn ex of aan zijn eigen rusteloze ziel? Overgangsplaten ‘Pocket Revolution’ en ‘Vantage Point’, bevolkt door instant-setlistbewoners als ‘Bad Timing’, ‘The Architect’ en ‘Slow’, belichamen de transformatie van rammelend-charmant naar bijna machinaal gedisciplineerd. In de Haarlemse Philharmonie verdwijnt onze laatste scepsis. dEUS is zijn grillen kwijt, maar niet zijn brille.
Nick Cave and the Bad Seeds, Arena Verona, Verona – 4 juli 2022 setlist
Jutha en ik zijn sinds deze avond totaal verpest als het om concertlocaties gaat. De zanger, zijn band én dit amfitheater uit het begin van onze jaartelling strijden om de schoonheidsprijs: dit decor is ook zonder muziek al betoverend, laat staan onder de melancholieke tonen van ‘Jubilee Street’ of ‘Into My Arms’. Hoe moet je zo’n tegen perfectie aanschurkende concertavond omschrijven zonder met driftige vingertjes te tikken dat je hier echt bij moet zijn geweest? Van ‘Get Ready for Love’ tot ‘Vortex’ charmeert Nick erop los tijdens een onvergetelijke show. Een onweersbui verlengde de voorpret. Het hele verhaal staat hier.
Oceansize, Patronaat, Haarlem – 10 mei 2006
setlist
Het nooit echt doorgebroken zestal uit Manchester is een tip van onze vrienden van Face Tomorrow: ‘Een kruising tussen Radiohead en Tool’. Zelden voldoet zo’n hyperbool, maar deze klopt als een nightliner. In het uitwaaierende rockgeweld met oneven maatsoorten voorkomen de filmische melancholie en de sublieme stem van Mike Vennart dat het allemaal gekunsteld wordt. Oceansize-nummers stralen in commercials en tv-series (The OC, Waterloo Road). Sympathieke gasten zijn het bovendien, die eigenhandig hun merchandisekraam bestieren. Op mijn vraag of ze, na de editie van 2004, terug gaan keren op ons geliefde Lowlands, antwoordt de gitarist bescheiden lachend: ‘Ha, we wish!’.
The Gutter Twins, Lowlands, Biddinghuizen – 16 augustus 2008 setlist
Ik draaide in de jaren 90 trouw mijn Screaming Trees-cd, wetend dat Mark Lanegan een vriend van Kurt Cobain was, en dus ‘één van ons’. Nu zie ik hem in duetten met Afghan Whigs-zanger Greg Dulli. Hun grunginess wordt aangevuld met gospel en blues; ze hebben me meteen. Jutha is eveneens blij verrast, na haar vaste eerste drie nummers in de fotopit. Er heerst in en rondom de kleine India een collectieve ‘we maken hier iets heel speciaals mee’-sfeer, die Moeder Natuur feilloos aanvoelt. Terwijl de twee rockijzervreters Lowlands overrompelen, trakteert ze zowaar op een heuse maansverduistering. Wat een zaterdagavond.
Biffy Clyro, Lowlands, Biddinghuizen – 19 augustus 2008
setlist niet beschikbaar
Biffy, zoals we deze drie Schotten in ons hart sluiten, is een vreemde band. De foto’s tonen drie guys next door, inwisselbare schoonzonen. Hun geluid op plaat blijft binnen de Top 40-lijntjes. Wolven in schaapskleren dus, want zodra ze een podium ruiken, vreten ze je op, als venijnig verlengstuk van de Seattle-sound: kinnen worden niet meer gladgeschoren, blouses gaan uit, het haar voor de ogen, bas en gitaar klinken smeriger, de zang wordt een oerschreeuw. Als je je ogen toeknijpt, staat hier gewoon Nirvana godsliederlijk van leer te trekken. Helaas wordt the Biff later tóch mainstream, maar dit was meesterlijk.
Radiohead, Vredenburg, Utrecht – 24 juni 1997
setlist
De OK Computer-tour. Uitgebreid zitten Joost, Frank, Stef, Theo en ik te blowen op het deftige theaterpluche (dat mag nog gewoon), gefascineerd door het hogeschoolmusiceren daar beneden op het podium. Perfectionist Thom Yorke breekt zelfs een nummer af om het opnieuw in te zetten, terwijl niemand een foutje heeft gehoord. Naderhand wandelt iedereen, finaal flabbergasted, stilletjes de trappen af. We worden daar dwars-balorig van, met onze stonede hoofden. ‘Wat een amateuristisch geklieder’, foetert Stef. Theo: ‘Als je geen gitaar kan spelen, ga dan niet op een podium staan joh!’. Enzovoorts. We worden vreemd aangekeken. Nee, ongelooflijk, wat was dít goed.
Face Tomorrow, Lowlands, Biddinghuizen – 24 augustus 2002 setlist niet beschikbaar
Deze Rotterdammers krijgen nooit hun verdiende airplay en bijbehorende aandacht, want driekwart van Nederland Muziekland is doof. Face Tomorrows Lowlandsdebuut vindt plaats op het ondankbare tijdstip van 11:00, precies wanneer de festivalentree opengaat. Vreemd, maar het weerhoudt de fans er niet van om zich massaal bij het hekwerk te melden. Na een forse sprint, de enige keer dat we hier ooit renden, zijn we getuige van een meeslepende show, met een sound die precies tussen Radiohead en At the Drive-in zweeft. Al snel geldt het vijftal onder de know-what-they’re-talking-about als beste liveband van Nederland. Wie ze ooit heeft gezien, weet waarom.
Human Alert, Parkhof Buitenfestival, Alkmaar – ergens in 2000 setlist niet beschikbaar
Dankzij oerfan Jutha maak ik kennis met de naar punkmaatstaven verdomd strakke anarchocabaretherrie van Human Alert, die onomwonden afgeeft op kapitaal, koningshuis, kerk en andere k-dingen. Boosheid? Welnee, dit is feest: krakers als ‘Kerk & Staat’ en ‘Koningin’, de bizarre outfits van het zangersduo, een keyboard en trombone waar clowneske solo’s uitkomen en altijd die a-typische aftocht. Na optredens, wanneer zijn bandleden steevast direct beginnen met het inpakken van het instrumentarium, babbelt zanger Willem graag nog een kwartiertje door, zoals hij tijdens de set ook alles gortdroog aan elkaar lult. ‘Het volgende nummer is ook eh, ja, schitterend, toch jongens?’
Nine Inch Nails, Lowlands, Biddinghuizen – 16 aug 2013
setlist
Nine Inch Nails-optredens zijn een soort meedogenloos machtsvertoon. Tijdens deze tour krijgt de show vorm door een aantal continu verschuivende decorpanelen en een cam op het verbeten gezicht van de directeur van dit industrial-instituut. Dansbare agressie die tegelijk hallucinerend is, we wisten niet dat het kon bestaan. De frontman verwijst naar De Jeugd van Tegenwoordig, dat voor NIN optrad. ‘Havin’ fun, having a good time everyone? Yeah? That was the last guys, we’re gonna have a bad time’. De boel gaat vervolgens grandioos overhoop, met de hartelijke groeten van Trent Reznor. ‘Copy of A’ als opener, ‘Hurt’ als afsluiter. Kolere.
Mark Lanegan, Muziekgebouw aan ’t IJ, Amsterdam – 11 februari 2015
setlist
Ietwat overmoedig heb ik een premaster-cd bij me, ik wil dat Mark Lanegan meezingt op een nummer van mijn band. Hij musiceert toch met ongeveer iedereen? Ik klamp naderhand één van de twee markante achtergrondzangers aan. ‘You can’t just ask Mark to sing on your record!’ protesteert de beste man. Nooit iets gehoord, natuurlijk. Maar oeh, dit optreden. Die diepe whiskeybariton, die onbewogen, verlegen présence: ‘ik wil hier niet zijn, maar ik moet hier zijn’. Met het Metropool Orkest hakt zijn eerste live-vertolking ooit van ‘Another Night Out’ er flink in. Tranen, tuiten. Jutha en ik knijpen elkaars handen fijn.
Queens of the Stone Age (tweemaal, want Jan Jurk… etc.)
Ziggo Dome, Amsterdam – 26 november 2013
setlist
Pistoia Blues, Pistoia – 15 juli 2025
setlist
Een heerlijke avond in Amsterdam met Rianne en Rogier. Bij nummers die ik als laatbloeiende fan nog niet ken, word ik door laatstgenoemde uitvoerig bijgeschenen. Enkele tientallen meters verderop verslaat Ajax FC Barcelona, de in bloedvorm verkerende Josh Homme en zijn mannen boeken echter een monsterzege. QotSA-Ziggo Dome: 18-0. Wereldgoals als ‘A Song for the Dead’ worden twaalf jaar later opnieuw gevierd in Pistoia. Hier, op het Romeinse Piazza del Duomo, in afmetingen vergelijkbaar met het Alkmaarse Waagplein, slaan de mannen twintigmaal toe, nog strakker, nog harder. Dit is gewoon de beste rockband ter wereld, punto. Na Nirvana dan, hè.
WAT IS ER MIS MET EEN NORMALE SALONTAFEL?
In Volkskrant Magazine, Landleven of Libelle vallen ze op, Onbekende Nederlanders die hun interieur aan het gewone lezersvolk tonen. Dat zijn boeiende reportages, bedoeld als inspiratie om je eigen boeltje een metamorfose te geven. Smaak en vindingrijkheid van de doehetzelf-binnenhuisarchitecten spelen een voorname rol. Met een authentieke opvatting van gezellig, mooi of praktisch. In dit vrije, creatieve universum is één vraag strikt verboden: waar slaat het op?
Onbekend is wat de eisen zijn, om met huis en raad in zo’n blad te mogen verschijnen. Vermoedelijk komen doorzonwoningen niet langs de ballotage. Meestal valt de keuze op een voormalige school of brandweerkazerne. Of een koekjesfabriek, waar in het mysterieuze kader van het ‘oude elementen intact laten’ een deel van een lopendeband-installatie is gebruikt als dressoir, bij wijze van abstracte upcyclekunst en/of lekker eigenwijs opvallen met een vintage eyecatcher.
De aanloop naar zo’n reportage bestaat waarschijnlijk uit wekenlang van alles neerzetten, afstoffen, vanuit een andere hoek bekijken en weer verplaatsen. Een hoop werk. Aan het plafond hangt opeens een verroeste kruiwagen met kerstverlichting, omdat de bewoners unieke ideeën hebben. Dan breekt de dag aan dat de woonrubriekfotograaf het huis vastlegt, met de hoofdrolspelers in niet-geposeerde poses. Het brein achter dit eclectische geheel zit gebiologeerd naar het zwarte scherm van een laptop te turen, op zoek naar leuke nieuwe items. Of op de bank, benen opgetrokken en pumps uitgeschopt, met een Country Homes uit 2016.
De woonrubriekjournalist moet alles in een enthousiasmerend interview gieten. De lezer wil immers weten waar al dat moois wordt verkocht. Er klinken plekken waar alleen Tom Waes naartoe wil. Zo is de boekenkast verscheept vanuit Qusar (‘daar waren we vorig jaar op skivakantie’), komt het kleed uit Khartoem (‘een heel bijzonder winkeltje in een hippe wijk met allemaal fruitstalletjes’) en de verroeste kruiwagen van een designwinkel in Tbilisi (‘onze favoriete stad, we komen er minstens drie keer per jaar’).
Het mondaine leven inspireert bij het in hotelstijl vormgeven van de slaapkamer. De indrukwekkende verzameling kussens op het bed is in volgorde van grootte van hoofd- tot voeteneind geposteerd. De vorige week, de weken daarvoor en de komende weken zijn in deze rubriek ook allerlei kussenrijen te bewonderen. De lezer, die zijn eigen woning met Billy-kast en doorgezakte Seats & Sofas-bank intussen hartstochtelijk is gaan haten, blijft achter met vragen. Hoe maak je dagelijks een bed op met 38 kussens? En als je zo veel reist, kun je dan niet beter vliegtuigen gaan inrichten?
Maar we moeten er anders naar kijken. Zwarte muren en betongrijze keukenblokken zijn helemaal niet deprimerend. Zo’n ladder in de badkamer, waar speciale smalle handdoeken voor gemaakt moeten worden, is juist speels. De filmsetlamp in de hoek, daar stoot nooit iemand zijn telefoonbotje tegen. En het is niet zomaar een filmsetlamp, ben je mal. Dit exemplaar is gebruikt voor de Laplandse detectiveserie Hjøllenbräckenføhn. Het eindbedrag op de veiling was meer dan drieduizend euro en hij mocht vanuit Kittilä niet mee met de handbagage, maar dan heb je wel een originele.
Dan is er nog het epicentrum van de woonkamer: de salontafel. Hoewel, salontafel. Het is een soort archipel van drie krukjes met verschillende hoogtes. Wie het verzonnen heeft, waar ze vandaan komen; het is niet meer te achterhalen. Ze zijn kansloos als er tijdens een gezellige middag met de buren een enthousiaste hond of dreumes langs komt rennen. Bier omver, borrelnootjes door de hele kamer, dat zijn dramatische taferelen. Straks glijdt kind of viervoeter in één moeite door uit en worden de beoogde consumpties vermalen tot een soort pindakaasvloer die nergens bij past.
De drie tafeltjes nemen de regie over de fantasie in handen. Over hoe dat eigenlijk moet gaan, tijdens de reportage ter plaatse. Dat mag diepgravender. De journalist in kwestie zou die mensen als een volleerd schandaalreporter kunnen benaderen met een microfoon, draaiende camera en een folder voor echte, ééncomponent-salontafels. ‘Zeg, goffedomme, he? Wat is dat, met die drie onhandige krukjes, hè, vertel me dat nou eens? Wat is er mis met een normale salontafel? Wees eens een kerel! Hè?’
Maar misschien zouden zich dan minder gegadigden melden.
BOETES EN EEN GOUDEN VUILNISWAGENTJE
Sinds we in Toscane wonen, hebben we meerdere malen met de fameuze Italiaanse bureaucratie te maken gehad. Dat heeft ons een aantal financiële flaters opgeleverd en een hoop energie gekost. Toch hoor je mij niet zeggen dat het hier erger is dan in Nederland; laten we het ‘anders’ noemen.
Waarschuwingen, aanmaningen of herinneringen kennen ze hier niet. Je krijgt meteen een boete. In de meeste gevallen gaat het gelukkig om enkele euro’s, maar ons kortstondige AirBnB-avontuur heeft ons welgeteld 480 euro gekost. We hebben ons appartement eenmaal verhuurd en moesten dit bekopen met een boete van 550 euro. Twee carabinieri kwamen ons dit heuglijke nieuws mededelen, bewapend met ‘bewijs’: een recensie. Notabene niet van de echte gasten die twee nachten bij ons verbleven, maar van een vriendin die ons wilde helpen om meer boekingen te krijgen door een neprecensie achter te laten. Het bleek dat we ons appartement officieel als verhuurlocatie aan hadden moeten melden, inclusief nog wat andere gegevens. Maar goed, onze fout, van achteren… etc. Na het likken van onze wonden zijn we dapper doorgegaan. Niet met het verhuren, dat was te veel moeite voor te weinig opbrengst, maar met het schrijven van teksten.
De volgende aanvaring die we hadden met de wettelijke macht draaide rondom onze trouwe Toyota Aygo. We hadden het moeizame proces doorlopen om de auto, die zich ondertussen tot een waar berggeitje had ontwikkeld, te importeren. Dat dachten we althans, want de laatste stap hadden we blijkbaar over het hoofd gezien. Wederom twee carabinieri op de stoep, ditmaal vragen ze om gereedschap. Een schroevendraaier om precies te zijn. Eenmaal overhandigd, begint een van de twee onze gloednieuwe Italiaanse kentekenplaten van de auto af te schroeven. Paniek, maar de heren zijn niet te vermurwen. Daar zitten we dan, boven op een berg, met de dichtstbijzijnde dorpskern op minimaal een uur lopen. En terug (bergop) mag je hier een half uur bij optellen. Op z’n zachtst gezegd hebben we een probleem. Onze buurvrouw is zo lief om iedere week boodschappen met ons te doen en onze vriendin van de dorpsbar zet alles in het werk om onze kentekenplaten zo snel mogelijk terug te krijgen. Al met al duurt dit bijna een maand, maar dan mogen we weer legaal de weg op. Heel wat euro’s armer, dat wel.
Ook bij het maken van een afspraak voor een covid-vaccinatie lopen we tegen de nodige problemen aan, maar dat weten we uiteindelijk op te lossen door een mail naar het kantoor van de burgemeester te sturen. En gek genoeg lukt het relatief snel om ons in te schrijven als zzp’ers. Met ons btw-nummer kunnen we ons bovendien vrij eenvoudig aanmelden voor het Italiaanse ziekenfonds.
In 2020 zijn we naar een commercialista geweest om ons aan te laten melden voor (lokale) belastingen. We betalen sindsdien trouw onroerendgoedbelasting en afvalstoffenheffing. Maar die afvalstoffenheffing, die zat me niet lekker. In Haarlem betaalden we een aardig bedrag, maar hier zijn we jaarlijks rond de achthonderd euro kwijt. En dat terwijl we zelf ons vuilnis weg moeten brengen naar een inzamelpunt. Vijf jaar later bespreken we dit eindelijk eens met onze buurvrouw en zij en haar moeder blijken maar iets meer dan honderd euro te betalen. Wat?! Rekeningen worden naast elkaar gelegd en wat blijkt, we hebben al die tijd de volle mep betaald, terwijl we recht hadden op een korting van zeventig procent omdat we ons eigen afval weg moeten brengen.
De mail naar de gemeente met scans van de rekeningen is verstuurd en we hopen dat we het te veel betaalde geld terug gaan krijgen. Misschien inclusief een bos bloemen voor het ongemak, of een gouden vuilniswagentje. Die zou een ereplekje krijgen.
NICK CAVE ONDER EEN DREIGENDE HEMEL – JULI 2022
Het verschil met de NS is dat je bij Trenitalia van tevoren een plek reserveert. Geen eigen stoel, maar er is wel een maximum aan passagiers. Op papier dan, want de overeenkomst met de Hollandse mores is dat ook hier iedereen zijn bagage als reisgenoot op de stoel naast zich neerzet. Dus zit de boemelaar van Arezzo naar Firenze ramvol en moeten we op de grond in een fietsencoupé zitten. Goed begin van een tripje naar Verona, midden in een hittegolf.
Maar we moeten wel. Nick Cave komt met zijn Bad Seeds naar de Arena Verona, een amfitheater in het centrum van de stad, gebouwd in het begin van onze jaartelling. Daar maken we een weekendje van. In Firenze kunnen we even frisse lucht happen en overstappen op de snellere trein richting de stad van Romeo en Julia.
Een zwijgende taxichauffeur zet ons af bij ons appartement in een buitenwijk, waar we de onaangekondigde airco met gejuich begroeten. Buiten tsjirpen de cicades alsof het morgen op de bon is, er zitten er hier meer dan in heel Toscane. Met 40 graden besluiten we pas aan het eind van de middag de stad in te gaan en wat bezienswaardigheden tot ons te nemen. Op internet bekijken we de vervoersopties richting centro storico.
Er gaat een stadsbus voor één euro nog wat, maar er staan ook overal elektrische stepjes die door hippe blogs worden aangeprezen. Ze blijken even duur als een taxi omdat je per minuut betaalt. Of je moet er op duizelingwekkende snelheid mee door de straten razen, maar dat is geen aanrader in een drukbezochte Italiaanse stad – ook op de kasseien van Verona zijn verkeersregels bijzaak. We bestijgen enkele keren twee exemplaren en maken een zot filmpje inclusief slechte Jeremy Clarkson-imitatie. Onwillekeurig belanden we daarna op een terras bij de plek waar de volgende avond ons al voor covid-19 aangekondigde concert plaatsvindt. Hadden we de tickets bij aankoop uitgeprint, dan waren ze nu verteerd.
We bewonderen vanaf hier de bogen van de Arena Verona, die de jaarlijkse reeks Aida-uitvoeringen zo nu en dan onderbreekt voor concerten van de grootheden der popmuziek. Morgen Nick Cave, de dag erna Gorillaz. In Nederland zou het immense operadecor, veelal beelden van farao’s en sfinxen, met tientallen vrachtwagens worden opgehaald en zolang veilig in een loods in pakweg Almere zijn gestald. Hier doen ze dat anders: de volledige Aida-inboedel is pontificaal voor de Arena geparkeerd, op het schitterende Piazza Bra. Het zorgt voor gratis vermaak. Toeristen gaan ermee op de foto. Een zeven meter hoge sfinx staart intimiderend een woning op één hoog in, waar de beteuterde bewoner zichtbaar hoopt dat het decorstuk ’s nachts niet tot leven komt.
Jutha wil een Lush-filiaal in, we eten pizza en fantaseren over de aanwezigheid van Nick Cave en zijn gevolg in de stad, want die hebben vanavond niks op de touragenda staan. ‘Zou dat een Bad Seed zijn?’ vraag ik bij elke uitheemse passant met bohemien uiterlijk. Op een ander terras, later op de avond, is het grappig genoeg raak: we zien een bezonnebrilde man met lang grijs haar in een sierlijk colbert, al Engels babbelend voorbij wandelen. Jutha googelt op Bad Seeds en komt na enkele recensies over tuincentra bij de intussen uit het zicht verdwenen dandy terecht. Verdomd, dat was Warren Ellis, multi-instrumentalist en al jaren trouwe kompaan van Cave.
Artiesten lopen anders door steden dan toeristen. Geroutineerder. Recht op hun doel af, lichtelijk blasé en met weinig oog voor de pracht en praal om hen heen. Het is jaloersmakend: overal al geweest zijn en, terwijl gewone stervelingen de schoonheid van Verona op zich laten inwerken, over totaal andere zaken praten terwijl je naar een restaurant loopt dat je door collega-artiesten is getipt. Of waar je al vaker hebt gegeten, en waar de eigenaar spontaan alles uit zijn handen laat vallen om je in zijn armen te sluiten.
Op de dag van het concert wordt er een onweersbui aangekondigd. Natuurlijk. Het is wekenlang gortdroog geweest, we hebben in drie jaar tijd geen optreden bezocht. Dat wordt niks vanavond, met dat openluchtconcert. Toch hebben we ons opgetut en eten we vol goede moed een patatje, voor het echte festivalgevoel. De snackbaruitbater is een Marokkaan en begint meteen over Amsterdam. Ik noem de naam Hakim Ziyech en zijn hele avond is goed.
We staan bij de Arena te wachten als er een enorme windvlaag over het plein jaagt. Er klinkt gegil, terrassen worden in allerijl ontmanteld en er waait een stuk zeil uit de Arena. Dat had ergens aan vast moeten zitten, maar belandt nu in een binnentuin. Het gaat regenen. Soms wat gedonder. De rijen naar de Arena slingeren steeds dieper de omliggende straatjes in. De organisatie vertrouwt het weer kennelijk nog niet, want er zit geen enkele beweging in.
Hoewel: zo nu en dan ontdekken de keuvelende concertgangers een nieuwe plek waar koud bier verkocht wordt en zie je opgetogen Italianen met armen vol flessen naar hun vrienden lopen. De sfeer is allerminst chagrijnig: al staan we hier tot morgenochtend, het wordt wel een keer droog en dan komt Nick ons al zingend en bezwerend vertellen dat het allemaal wel goed komt.
Dat optimisme wordt beloond. Als de poorten open zijn en we onze plaatsen opzoeken, raken we betoverd. Door de historische locatie en straks door de artiest van dienst. Nick Cave is vanavond de keizer, the Bad Seeds zijn senatoren. Een gladiatorengevecht is er niet, dit is meer een helende sessie, of een mis. De kerkgangers zijn gekleed in poncho’s. Wij gelukkig niet, want er valt geen druppel meer. Het is heerlijk afgekoeld als de band het drooggedweilde podium betreedt.
‘This is strange’, doelt de frontman op de lege ruimte tussen het podium en het zittende publiek. Want Nick Cave duikt tijdens zijn shows steevast over de hekken, tussen de fans, om hun handen op zijn borst te leggen en talloze malen ‘Can you feel my heart beat?’ te roepen. Dat zal hij later hoe dan ook doen, terwijl zijn band vanaf het podium spelend toekijkt. Cave hypnotiseert ons met zijn bevlogen mimiek, dolend door het gangpad, wild in de lucht schoppend op het podium of ingehouden croonend achter zijn piano. Iedereen is lyrisch. ‘Madonna, che emozioni!’ Bij Into My Arms een verliefde traan, bij Jubilee Street kippenvel en bij Tupelo oneindige bewondering.
Ja, en daar zit ie, Warren Ellis. Te stralen, want ook als gelouterde artiest zie je dat niet elke dag: een Romeinse arena ter grootte van de Ziggo Dome, de gitzwarte hemel dreigend boven de indrukwekkende bogen. We zijn best wel verpest vanavond. Wordt een concertlocatie ooit mooier, een optreden ooit beter? We pakken nog eenmaal de stepjes op weg naar ons appartement en zoeven, gesterkt door Nick Cave and the Bad Seeds, nu wel op maximale snelheid door de straten.
